© Albert
STEENWIEK

Joodse begraafplaats

Deze Begraafplaats bevindt zich ook aan de

Eesveenseweg

De begraafplaats is omstreeks  1795 en in 1807, 1860 en 1911 uitgebreid. In 1875  kreeg het een metaarhuisje (reinigingshuisje) met opschrift naar plannen van G.J. Aberson. Het is gerestau- reerd in 1945 en toen nogmaals in 1985 door het Israël Actie Comité Steenwijk. In het gebouw staat een gedenksteen voor de joodse inwoners van Steenwijk die de oorlog niet overleefden. Voor 1795 werd men begraven  aan de Schapendrift ten zuiden van Noordwolde. Op een joodse begraafplaats geldt ' eeuwige grafrust'. Dit betekent dat de graven ongemoeid gelaten moeten worden en slechts bij uitzondering, als de overheid dit eist, verplaatst mogen worden. Een uitzondering geldt voor het herbegraven in Israël. Het jodendom kent meerdere namen voro begraafplaats, waaronder Bet Chajiem (huis van het leven), Bet Olam (huis van de wereld) en Bet Kevarot (huis der graven). Het voorschrift, dat begraafplaatsen niet geruimd mogen worden heeft  tot consequentie dat ze meestal een eind buiten de stad liggen. Op een Asjkenazische begraafplaats vindt men voornamelijk staande grafstenen.                                                                                                                  Deze hebben of alleen een Hebreeuwse tekst of zowel Hebreeuws  als  de landstaal. Sefardische joden hebben een voorkeur voor liggende stenen. De grafteksten waren  vroeger vaak in het Portugees, nu is Hebreeuws of de lands-  taal  gebruikelijker. Op de graven laat men vaak een klein steentje achter, als teken dat men op bezoek  is geweest. Dit gebruik is in betekenis vergelijkbaar met de  gewoonte bij niet- joden om bloemen neer te leggen. Beheerder Nederlands Israëlisch Kerkgenootschap (NIK Adres: Eesveenseweg Plaats: Steenwijk Beheerder gemeente Steenwijkerland:  Gemeente Steenwijkerland
© Lorem ipsum dolor sit Nulla in mollit pariatur in, est ut dolor eu eiusmod lorem
STEENWIEK

Joodse

begraafplaats

Deze Begraafplaats bevindt

zich ook aan de

Eesveenseweg

De begraafplaats is omstreeks  1795 en in 1807, 1860 en 1911 uitgebreid. In 1875  kreeg het een metaarhuisje (reinigingshuisje) met opschrift naar plannen van G.J. Aberson. Het is gerestau-reerd in 1945 en toen nogmaals in 1985 door het Israël Actie Comité Steenwijk. In het gebouw staat een gedenksteen voor de joodse inwoners van Steenwijk die de oorlog niet overleefden. Voor 1795 werd men begraven  aan de Schapendrift ten zuiden van Noordwolde. Op een joodse begraafplaats geldt ' eeuwige grafrust'. Dit betekent dat de graven ongemoeid gelaten moeten worden en slechts bij uitzondering, als de overheid dit eist, verplaatst mogen worden. Een uitzondering geldt voor het herbegraven in Israël. Het jodendom kent meerdere namen voro begraafplaats, waaronder Bet Chajiem (huis van het leven), Bet Olam (huis van de wereld) en Bet Kevarot (huis der graven). Het voorschrift, dat begraafplaatsen niet geruimd mogen worden heeft  tot consequentie dat ze meestal een eind buiten de stad liggen. Op een Asjkenazische begraafplaats vindt men voornamelijk staande grafstenen.                                                                                                                  Deze hebben of alleen een Hebreeuwse tekst of zowel Hebreeuws  als  de landstaal. Sefardische joden hebben een voorkeur voor liggende stenen. De grafteksten waren  vroeger vaak in het Portugees, nu is Hebreeuws of de lands-  taal  gebruikelijker. Op de graven laat men vaak een klein steentje achter, als teken dat men op bezoek  is geweest. Dit gebruik is in betekenis vergelijkbaar met de  gewoonte bij niet- joden om bloemen neer te leggen. Beheerder Nederlands Israëlisch Kerkgenootschap (NIK Adres: Eesveenseweg Plaats: Steenwijk Beheerder gemeente Steenwijkerland:  Gemeente Steenwijkerland